“Theo was rond, dik en stekelig”
Project: sfeerverslag voor krant
“Theo was mijn mentor.” De jonge man spreekt de massa toe. Het is Lennart Boei, een pupil van Van Gogh. Maar hij zegt de menigte niet veel. Het maakt ook niet veel uit wat hij zegt. De mensen roepen en gillen alleen maar. Een jonge vrouw staat midden in de massa in trance met een houten lepel op een pan te slaan. Naast haar gilt iemand in een megafoon. De stem is hees van het roepen en kraakt van emotie: “Is dit het voorbeeld dat wij onze kinderen willen geven? We moeten opstaan! Opstaan! Voor de vrijheid van meningsuiting.”
Het is even wat stiller en Boei is weer te horen. “Daarom maken we nu kabaal voor Theo. De trommel begeleidt ons.” De eerste slag van de trommel galmt over de Dam en het Damrak heen. “Theo!”, gilt de stem door de me Gabon. lederen barst los. Steeds harder. De hele massa schreeuwt, gilt, slaat op pannen. Fluitjes gieren door het stemgeluid heen. De tromslagen echoen, ketsen dan af tegen gebouwen om de Dam heen. Het is een explosie van lawaai. Zeven minuten lang.
Bij het podium staart burgemeester Job Cohen verbeten voor zich uit. Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie Rita Verdonk staat naast hem. Ze kijkt woedend. Ze klapt krampachtig mee met de tromslagen. Haar hele lichaam schokt bij iedere dreun. Na zeven minuten herrie vraagt Lennart Boei om twee minuten stilte. Want we willen Theo ook herdenken.
De minuten lijken een eeuwigheid te duren. De massa staat op barsten. Een jongen houdt zijn hand voor zijn mond. Zijn moeder klemt de lippen stevig op elkaar. De woede zindert door de lucht. Zodra Boei richting de microfoon stapt, trilt de Dam weer. Het lawaai nog harder dan eerst. De zwerm journalisten rond Cohen en Verdonk kan niets anders doen dan afwachten. De politici weigeren iedere vorm van commentaar. Het is tijd voor de burgemeester om het podium op te gaan.
Het lawaai voor Theo slaat om in een gejoel voor Job. De lijfwachten van Cohen kijken zenuwachtig om zich heen. Op de eerste rij achter de dranghekken staat een oudere vrouw te tieren. “Jij hebt niets gedaan om dit te voorkomen! Jij doet niets!” Ze hangt over het dranghek heen en wijst naar haar burgemeester. “Jij stuk onbenul!” De vrouw windt zich nog meer op als ze vertelt waarom ze zo kwaad is. “Hij laat ze maar allemaal hun gang gaan hier. Kijk maar naar de diamantbuurt! En nu weer Theo!” Job Cohen probeert ondertussen over het publiek heen te schreeuwen. Maar de mensen zijn boos. Cohen rond zijn toespraak af en verlaat onder bewaking het podium.
“Dit had niet voorkomen kunnen worden, ook niet door Cohen”, vertelt SP-fractievoorzitter Jan Marijnissen terwijl hij fronsend om zich heen kijkt. Hij staat midden in het woedende joelende publiek. Een pet en een zwart leren jack maken hem haast onherkenbaar. “Ik wilde hier vanavond als persoon zijn, niet als SP’er.” Marijnissen wil het vanavond dan ook niet over politiek hebben. “Vandaag is zo’n dag dat je niet moet nadenken, maar moet voelen.’ Mensen om hem heen knikken instemmend.
Ondertussen is minster Verdonk al een tijdje aan het woord. Ze spreekt de massa woedend toe. “Dit kan niet meer! Dit pikken wij niet!” De massa kan zich in de oorlogstaal van Verdonk vinden en schreeuwt mee. Tusser alle gillende mensen staat een man rustig voor zich uit te staren. Hij heeft een cactus bij zich waar een papiertje op is geprikt. Op het stukje papier staat:‘Is dit het einde van tolerantie?’ “De cactus is het symbool voor Theo”, legt de man uit. Hij lijkt een beetje overdonderd door al het lawaai om hem heen. “Theo was rond, dik en stekelig. Maar vooral zacht van binnen. Laten we dat vandaag niet vergeten.”
Als Verdonk het podium heeft verlaten, kalmeert de menigte. Iedereen beseft dat het voorbij is. De agressieve sfeer ebt langzaam weg. Hier en daar laten groepjes nog klein vuurwerk knallen. Maar de meeste mensen wandelen een beetje rond en kijken naar anderen. Sommigen gaan in discussie met omstanders. Bij het Damrak loopt een islamitische man rond met een groot bord. hij heeft heeft in zwarte letters de leuze ‘Geen moord in de naam van mijn Islam’ op een plank geverfd. De man krijgt voortdurend schouderklopjes van voorbijgangers.”Moedig van jou!”, roept een vrouw hem toe.
“Ik ben hier vandaag omdat ik het gevoel heb dat iemand er met mijn godsdienst vandoor is gegaan. Alsof iemand jouw auto jat en er dan een misdaad mee begaat”, vertelt de man boos. “De Islam moet zichzelf vernieuwen. Ik ben een goede moslim en ik ben getrouwd met een katholieke vrouw. We hebben twee prachtige zonen! Je kan dus op een westerse manier moslim zijn”, vertelt hij vurig. “Maar jullie moeten ons ook nog wel die kans geven.





